
De Labrador Retriever is een apporterende jachthond die werkt na het schot.
Om ervoor te zorgen dat het wild niet beschadigt is een goed werkende Labrador Retriever zacht in de bek. Daarnaast moet een Labrador Retriever “schotvast” zijn; hij reageert niet of nauwelijks op harde geluiden.
Ook moet het een goede zwemmer zijn, en een “Will to Please” hebben.
Labrador Retrievers worden eveneens veelvuldig ingezet als hulphond bij minder validen, als reddingshond en voor het opsporen van explosieven en drugs.
Puppen die bij ons zijn geboren, worden vanaf een week of drie voorbereid op hun taak als werkhond. En als de puppen 7 weken zijn, wordt er door een gedragstherapeut gekeken welke honden veel werk passie hebben; want niet iedere Labrador Retriever is geschikt als werkhond.
Ondanks dat niet alle Labrador Retriever eigenaren zichzelf gewapend met een jachtgeweer door het struikgewas zien sluipen, moet wel degelijk rekening worden gehouden met de “Will to Please” van een Labrador Retriever.
Een Labrador Retriever vindt het heerlijk om samen te wandelen, spelen, apporteren en dergelijke.
Een leven met te weinig prikkels en uitdaging komt de Labrador Retriever zeker niet ten goede; gedragsproblemen kunnen hiervan het gevolg zijn. Terug.